Schaakclub "En

Bobby achterna...


Toen ik begon te schaken was Robert James Fischer er net mee opgehouden. De FIDE wilde niet al zijn wensen met betrekking tot het wereldkampioenschap inwilligen met als gevolg dat hij zijn in 1972 in Reykjavik veroverde titel niet verdedigde in 1975 en Anatoly Karpov de wereldtitel overnam. In mijn gehele schaakjeugd wemelde het van de geruchten dat Fischer een come-back zou maken. Het kwam er nooit van. Het bleef voor mij een mythisch figuur, door bijna iedereen gezien als de beste schaker aller tijden en wie er ook na hem wereldkampioen zou worden, nooit zou die beter kunnen zijn dan Fischer ooit geweest is. 

Het was wel een lastpak. Organisatoren hebben wat met hem te stellen gehad tijdens schaaktoernooien. Dan deugde de zaal niet, dan wilde hij weer meer geld, dan wilde hij weer niet op Zaterdag spelen, dan dit, dan dat. Met de kennis van nu zou je denken was er maar eens iemand tegen hem opgestaan die zei: En nu je bek houden, zitten en schaken! Maar ja, het verhaal was te mooi. Die Amerikaan die het in zijn eentje opnam tegen de hegemonie van de Sovjet-Unie die al sinds 1948 de wereldtitel schaken in bezit had. Die wilde je niet voor het hoofd stoten. Bovendien kreeg hij het voor elkaar dat start- en prijzengelden een stuk hoger werden dan voorheen. En de Sovjets werkten eigenlijk zelf ook mee, want nadat Fischer zich op een meedogenloze wijze had gekwalificeerd voor de WK-match tegen wereldkampioen Spassky begon het gesodemieter weer. Fischer kwam niet opdagen in IJsland. Werd hij daarvoor gestraft? Nee, de match werd uitgesteld. Wat als de Sovjets zich hier niet hadden laten inpakken door FIDE-voorzitter Max Euwe? Uiteindelijk bemoeiden vooraanstaande Amerikaanse politici als Nixon en Kissinger zich ermee en een Engelse miljonair deed nog een extra duit in het zakje, waarna Fischer toch maar naar IJsland vertrok.  

Nog meer mazzel had Fischer voorafgaand aan de derde partij van die match. Hij weigerde te spelen in de zaal waarin hij de eerste partij verloor. Uit protest was hij voor de tweede partij al niet komen opdagen. Daarna werd voorgesteld om dan maar in een achterafzaaltje te gaan spelen. Als Spassky daar nu eens gewoon keihard “Njet!” op had geantwoord, maar nee, hij ging akkoord. Was hij te optimistisch geworden? Hij had inmiddels een flinke plusscore tegen Fischer opgebouwd. Tot aan de match had hij drie keer gewonnen, twee keer remise gespeeld en nooit verloren van Fischer en nu stond hij alweer 2-0 voor. Hij zou fluitend zijn wereldtitel behouden. De rest is bekend... Fischer maakte in no-time zijn achterstand goed en na 21 partijen was de match beslist in zijn voordeel. 

In 1992 kwam het er dan toch van. Fischer ging weer schaken. Weer tegen Spassky, zogenaamd om het wereldkampioenschap. Een Joegoslaaf met een dubieuze reputatie pompte er wat miljoenen in. Iedereen enthousiast, maar wat was de mens Fischer intussen veranderd. Zijn verbale uitspattingen logen er niet om en Fischer maakte naam als antisemiet en Amerika-hater. Vrij duidelijk werd dat er iets gebeurd was met het psychisch welzijn van de wereldkampioen van weleer.  

Antisemitisme. Keer op keer komt het terug in de wereldgeschiedenis. Iedere keer weer staat er een halve zool op die meent dat het een goed idee is om het Joodse volk uit te roeien en niet zelden, zie onze oosterburen nog geen eeuw geleden, slagen die halve zolen erin om een enorme aanhang te krijgen. Hierin zie ik toch wel een verschil met het antisemitisme van Bobby Fischer. Ja, hij gaf de Joden de schuld van alles wat fout ging maar dat betrok hij vooral op zichzelf. Hij was er niet op uit om met een enorme meute gelijkgestemden Joden te vermoorden, hij was bang dat de Joden hém iets aan zouden doen. Treffend vond ik een passage in het boek “Bobby Fischer comes home” van de IJslandse grootmeester Helgi Olafsson. Die nam Fischer onder zijn hoede tijdens zijn laatste jaren en ze gingen eens met een klein gezelschap zalmvissen ergens in IJsland. Op een ochtend staat Olafsson op en hij hoort dat Fischer ook al wakker is en in zichzelf pratend door de gehuurde vissershut ijsbeert: “The fucking Jews, they are after me, I must get to them. The fucking Jews” En dat ging maar door. Olafsson vraagt zich af of dit een dagelijks ritueel is in huize Fischer. 

Ik praat het geenszins goed, dat antisemitisme van Fischer. Uiteraard niet. Ik vind het alleen van een geheel andere orde dan het antisemitisme zoals dat bijvoorbeeld door de man met dezelfde initialen als Albert Hein werd gebezigd. Een antisemiet heeft een steek loszitten, zonneklaar. En dat er bij Fischer een steek los zat is net zo duidelijk. Misschien had hij gewoon hulp nodig... 

Meer begrip heb ik voor zijn houding ten opzichte van zijn vaderland, de VS. Toen de plannen voor de match in 1992 bekend werden golden er internationale sancties tegen het voormalig Joegoslavië. Dat was niet handig voor Fischer, want ik kan me voorstellen dat het geld dat hij tot twintig jaar eerder had verdiend met schaken inmiddels zo ongeveer op zal zijn geweest en deze match, waar naar verluidt zo'n 5 miljoen dollar prijzengeld mee gemoeid was, zou ervoor zorgen dat hij onbekommerd zijn pensioen zou halen. Maar toen kwam er een fax uit zijn vaderland waarin hij erop werd gewezen dat hij wegens de sancties geen geld mocht verdienen in Joegoslavië. Je zou zeggen, waar maken ze zich druk om? Hij verrijkt die Joegoslaven niet, hij onttrekt daar samen met Spassky even 5 miljoen dollar aan dat gesanctioneerde land. Weer 5 miljoen minder om wapens van te kopen! Maar nee, zo redeneerde men: ze steunen de sponsor door op deze manier reclame voor hem te maken en dat mag niet. Doet hij het toch?  Een boete van 10.000 dollar per overtreding met een maximum van 250.000 dollar, 10 jaar de gevangenis in, of allebei. 

Daar zit je dan. Op het punt om in een dikke maand een paar miljoen te cashen en dan word je dat gewoon verboden. Als een overheid ingrijpt waardoor jij inkomen misloopt is het mijns inziens chique om daar wat tegenover te stellen. Die Amerikanen hadden goede wil kunnen tonen door te zeggen: OK Bobby, kom maar hierheen met die Spassky, dat prijzengeld regelen wij wel. (Dikke kans dat Fischer daar niet op in was gegaan hoor, maar een gebaar van goede wil kan nooit kwaad) Maar nee, de kans om een paar miljoen te verdienen word je ontnomen door dreiging met zware straffen. En dat bij een toch al redelijk labiele persoonlijkheid. Ik herinner me die persconferentie nog goed, waarop hij op die fax tufte. Goor, en niet chique, maar ik snap het wel. Twintig jaar eerder was het nog een zaak van nationaal belang dat hij ging schaken en nu lieten ze hem vallen als een baksteen. 

Die match ging dus door en op 15 december 1992 stuurde de VS een arrestatiebevel de wereld in. We hoorden een tijd niets meer van Fischer. Wel geruchten. Hij zou regelmatig bij de familie Polgar in Hongarije komen en ook op de Filippijnen kwam hij. Maar hij hield zich redelijk koest. Dat veranderde na 11 september 2001. Amerika kreeg een stevige terroristische aanval te verduren en vanuit het verre oosten jubelde Bobby Fischer in een radio-interview. Great news! Amerika had gekregen wat ze verdiend hadden, vond hij. Niet zo slim. Ondanks dat er al 9 jaar een arrestatiebevel tegen hem liep was hij nog altijd een vrij man, maar ik denk dat hij hier een slapende leeuw heeft gewekt. In 2004 werd hij gearresteerd in Japan. De aanleiding en de manier waarop, zoals die in het boek van Olafsson worden weergegeven, geven geen fraai beeld van Amerika dat hier even de spierballen wilde laten zien. 

De bedoeling was dat Japan hem zou uitleveren aan Amerika zodat hij alsnog zijn straf kon ondergaan, maar daar stak een clubje IJslanders (Het RJF comité) een stokje voor. Onder het motto: hij verdient geen straf, hij heeft hulp nodig kregen zij het voor elkaar om hem in maart 2005 naar IJsland te halen. Hij verkreeg het IJslands staatsburgerschap en bracht de laatste drie jaar van zijn leven door als inwoner van Reykjavik. Die laatste periode wordt door Olafsson (prominent lid van het RJF-comité) beschreven in “Bobby Fischer comes home” en ik besloot dat boek mee te nemen als leesvoer voor in het vliegtuig naar IJsland. Want ondanks alles heb ik grote waardering voor de schaker Bobby Fischer en het leek mij een uitdaging om zijn voetsporen te volgen. En ja, ondertussen ook deel te nemen aan het EK schaken dat van 26 augustus tot en met 5 september werd gespeeld in hetzelfde hotel als waar in 1972 Fischer en Spassky elkaar bekampten. Alleen de naam is veranderd. Het heet niet meer Hotel Loftleidir, maar Hotel Natura. 

Woensdag 25 augustus 2021 

Nou, daar gaat ie dan. Voor het eerst naar IJsland, helemaal in zijn eentje. Vlucht HV6885 zou om 17:50 vertrekken en om 19:00 landen op Kevlavik airport, 50 kilometer ten zuidwesten van Reykjavik. Hé, dat valt mee, hoor ik u denken, een dik uurtje vliegen. Maar neen, er is twee uur tijdverschil tussen Nederland en IJsland. Ik zat 3 uur en 10 minuten in die bus met vleugels. 

Het vervoer naar Schiphol werd verzorgd door Erik en de lieverd maakte nog even een fotootje van zijn ouwe pa... 

Na een busreis, met overstap, richting het Centre hotel Plaza in het oude centrum van Reykjavik kwam ik moe en voldaan aan in kamer 201. Het lukt altijd weer om de kamer met het stomste uitzicht te bemachtigen, namelijk een zijstraat met aan de overkant ook een hoog gebouw. Uitzicht over zee, of over het centrum met zicht op de fraaie Hallgrímskirkja had ook gekund, maar die mazzel heb ik nou nooit. 

Ik was doodop. Ik moest eigenlijk nog eten, maar het was inmiddels bedtijd, uitgaande van de Nederlandse tijd die ik gewend was, en besloot om vroeg te gaan slapen. Dan maar geen eten, morgen bij het ontbijt maar een broodje extra nemen. Ondertussen wel vernomen dat mijn tegenstander de Armeniër Robert Hovhannisiyan zou zijn in ronde 1. Rating 2626, dat is bijna gelijk aan die 2266 van mij. Bij Mastermind zou het twee witte en twee rode pinnetjes opleveren... 

Donderdag 26 augustus 2021 

Ik was vroeg naar bed gegaan, dus stond ik ook vroeg weer op. Even na zeven uur zat ik al aan het ontbijt. Dat ontbijt hier is niet veel soeps. Na een paar broodjes te hebben verorberd neem ik altijd graag een beetje yoghurt, maar dat trof ik hier niet aan. Wel iets dat erop leek, dus heel optimistisch schepte ik wat van dat spul in een kom en proberen maar... Tjasses! En die Engelse meuk? Ik snap niet hoe mensen dat binnen krijgen en binnen houden. Vette worst en spek op de vroege ochtend. Het vet druipt eraf. Bah! Maar goed, na het ontbijt maar naar buiten om de stad eens te verkennen. Het eerste wat mij opviel: Dat beroerde uitzicht van mij, dat zijstraatje, had een opvallende naam: 

Ik denk overigens niet dat het naar de schaker vernoemd is hoor. Het is hier vlakbij de haven, het zal wel met vissers te maken hebben... 

De wandeling voerde ook naar het meest kenmerkende gebouw van Reykjavik, de kerk die ik had kunnen zien vanuit mijn hotelkamer als ik een andere kamer had gehad. Gelukkig hebben we de foto's nog... 

Ik had voor 1000 kronen (omgerekend het duivelse bedrag van 6,66 euro) met de lift naar boven gekund om van het uitzicht te genieten, maar daar zag ik vanaf. Op de Wikipediapagina van dit gebouw is een prachtige panoramafoto te zien, daar kan ik niks aan toevoegen. 

Omdat mijn hotel zo'n twee kilometer van de speelzaal was verwijderd had de organisatie busvervoer geregeld. Die bus vertrok iedere dag al om 14:15 uur voor een ritje van 5 minuten. We kwamen dus steeds ruim van tevoren aan bij de speelzaal. In het begin was dat nog wel leuk, want dan was er tijd genoeg om de Fischer-tentoonstelling te bekijken die daar was ingericht. Een boel foto's en boeken, maar het absolute hoogtepunt is natuurlijk de schaaktafel waarop de WK-match van 1972 werd afgewerkt. 

Als je heel goed kijkt zie je de handtekeningen van Fischer en Spassky erop staan. 

Er moest dus ook nog geschaakt worden. Tegen grootmeester Hovhannisiyan stond het na twaalf zetten zo: 

Hier had ik (met wit) een prima stelling kunnen krijgen als ik 13.d5, gevolgd door 14.Pd4 had gedaan. Totaal niet aan gedacht op dat moment. Ik was op dat moment alleen maar bezig met niet die centrumpionnen op te spelen om die zwarte paarden geen velden te geven. Het stomme was dat ik een paar zetten later, nadat ik 16.f4 had gedaan, dit plan wel zag. Alleen toen kreeg ik de kans niet meer. Vanuit de diagramstelling speelde ik 13.Kf2 om daarna op e3 die centrumpionnen te beschermen. Dat stuitte echter op wat bezwaar zoals in het partijenbestand onderaan dit verslag te zien is. Een gevalletje van nog niet helemaal scherp zijn. 

Vrijdag 27 augustus 2021 

In het boek van Olafsson stond het adres vermeld waar Bobby een tijdje gewoond heeft. Aanvankelijk verbleef hij in het hotel Loftleidir, maar later werd voor hem een appartement geregeld op het adres Klapparstigur 5, vier hoog. Ik zocht het op via Google Maps en bleek er niet ver vandaan te wonen. Een mooie gelegenheid dus om deze ochtend eens die kant op te wandelen. Het was best een rare gewaarwording toen dat grote witte gebouw ineens in zicht kwam. Kriebels in mijn buik. Hier heeft de grote Bobby Fischer geleefd. Vlakbij de zee. 

Hier heb ik toch wel een poosje stilgestaan... 

Het weer in IJsland is over het algemeen niet best. Met de regen viel het nog mee, af en toe een mild buitje, maar het is vrijwel de gehele dag bewolkt en meer dan 15 graden krijg je hier niet in deze tijd. Dat weerhoudt de IJslander er overigens niet van om gewoon in een T-shirt over straat te gaan en ook de eigenaren van de terrassen houden de moed erin: 

Mijn tegenstander in de tweede ronde was de IJslander Thorsteinn Leifsson. Die kwam echter om 14:50 de speelzaal binnen om mij te vertellen dat hij meteen naar de dokter moest in verband met vreselijke pijn aan zijn been. Hij kon dus niet schaken en ik kreeg een reglementair punt. Ergens wel jammer voor mij, want ik rekende op een relatief makkelijk punt met zwart. Nu was het een gratis punt en niet met zwart. Mijn kleurvoordeel van mogelijk 6x wit en 5x zwart was weer verdwenen. Ja en dat ene elopunt dat er te verdienen is bij winst op een speler met 1700 liep ik nu ook mis. Maar goed, ik hoop vooral dat het goed komt met Thorsteinn! 

Tijdens de wandeling terug naar mijn hotel werd ik aangenaam verrast door het eerste streepje zonlicht gedurende mijn verblijf op IJsland! 

Zaterdag 28 augustus 2021 

Ik had het boek van Olafsson nog niet uit. Ik wist nog van de vorige keer dat ik het las dat Bobby graag in een of andere tweedehandsboekhandel kwam en daar zijn eigen leeshoek had, maar waar die precies was? In ieder geval niet de boekhandel waar ik deze ochtend even ging kijken. Te modern. Het schaakassortiment viel ook niet mee... 

Met onder andere een herziene versie van Fischers “My 60 memorable games” en daarnaast een boek over de 60 memorable games van Magnus Carlsen. Dat heb ik even doorgebladerd, maar de partij waarmee hij het eerst indruk op mij maakte, tegen Sipke Ernst in Wijk aan Zee 2004, staat er niet in. Laat dan maar zitten... 

's Middags wachtte mij Lubomir Ftacnik. Een heuse concurrent! Nee, ik krijg het niet hoog in de bol, ik zie hem niet als concurrent voor de Europese titel of een kwalificatieplek voor de volgende Worldcup. Ftacnik is een concurrent in het S50 klassement. Jaja, ik word oud! Ik ben tegenwoordig senior! Dat was ik eigenlijk vorig jaar al, maar door Covid viel het niet mee om dat jaar als jongste van de senioren gooien naar seniorenprijzen te doen. Op de startlijst was ik de zesde van de senioren. Er zijn drie prijzen te vergeven. Jammer genoeg bestaat de top drie uit nog redelijk sterke grootmeesters: Tiger Hillarp Persson, Johann Hjartarson en Lubomir Ftacnik. Voor de nummers vier en vijf ben ik niet bang. (En terecht zo bleek later, want die trokken zich allebei in de loop van het toernooi terug). 

Ik had wat leuks voorbereid voor Ftacnik, maar helaas, hij was mij voor. In een van mijn favoriete varianten van het aangenomen damegambiet deed hij iets wat ongebruikelijk was, maar waar het sterke schaakprogramma Stockfish 14 laaiend enthousiast over is. Ik was nog niet op de hoogte en verloor kansloos. 

Overigens was ik niet de enige Nederlander in Reykjavik. Ook Lucas van Foreest en Liam Vrolijk deden mee. In de derde ronde zat Lucas een paar borden bij mij vandaan tegen de Engelse Meester Malcolm Pein. En die twitterde 's avonds iets over leerzaam of zoiets... 

Leerzaam mijn reet! Ja, voor Ruud de Jong misschien, maar je mag van een Internationaal Meester toch wel verwachten dat hij kennis heeft van het begrip oppositie. Met zwart deed hij hier 55...c3? Na 56.Kxc3 Kxc6 57.Kc4 Kb6 58.Kd4 Kb5 59.Ke3 Kc4 60.Kf4 Kd4 61.g4 gaf zwart het op want wit promoveert het eerst en is bijtijds om zwart van het promoveren te houden. In de diagramstelling houdt zwart het remise als hij 55...Kb6 had gedaan om pas na 56.Kxc4 op c6 te nemen. Oppositie. Gaat wit via d4 naar e3 en f3, dan gaat zwart naar d, e en f7. Even op je tellen passen en wit komt nooit verder. 

Het toernooi heeft een Corona-protocol. Iemand met klachten dient die te melden bij de toernooileiding en dan ben je overgeleverd aan de toernooi-arts. Grootmeester Vasif Durarbayli speelde in ronde 3 een heel snelle remise en meldde zich met klachten. Gevolg: hij zou de volgende ochtend een PCR-test krijgen en werd uit voorzorg niet ingedeeld voor ronde 4. Uit die test zou later blijken dat hij inderdaad Corona heeft. Toen dat bekend werd, werden uit voorzorg zijn tegenstanders uit ronde 1 en 2 ook meteen uit het toernooi gezet. Dat is wel rigoureus en ik besefte dat ik hier goed ben weggekomen. Vasif was nummer 21 geplaatst dit toernooi en speelde dus in de eerste ronde aan bord 21. Ik speelde tegelijkertijd aan bord 20! Het scheelde maar een paar elopuntjes of ik had de eerste ronde tegen hem gespeeld en dan was ik halverwege het toernooi uitgeknikkerd! 

Zondag 29 augustus 

Zelf ben ik ook niet geheel vrij van klachten. Beetje keelpijn, beetje snotteren. Maar ik was niet van plan dat te gaan melden. Ik ben gevaccineerd, heb op maandag 23 augustus nog een negatieve testuitslag gekregen omdat dat nodig was om naar IJsland te mogen reizen, ik ben voorzichtig geweest met afstand houden, als we niet aan het bord zitten hebben we steeds een mondkapje op en het is mij wel vaker overkomen dat ik de overgang van mooi zomerweer (dat was het in Nederland voor ik vertrok) naar herfstachtige omstandigheden bekoop met een verkoudheid. Ik zeg niks, probeer het gesnuif en gesnotter tot een minimum te beperken en als ze last van me hebben komen ze me maar halen! 

Ik heb het dan ook rustig aangedaan, ben niet gaan wandelen, maar heb het boek van Olafsson verder uitgelezen. Daar las ik onder meer dat een van Fischers favoriete restaurants het visrestaurant 3 Frakkar was. Waarschijnlijk is hij hier ook voor het laatst gefotografeerd. Die foto hangt in de tentoonstelling in Hotel Natura. En laat 3 Frakkar nu net in de richting van de speelzaal gevestigd zijn! Ik hoefde er maar een klein stukje voor om te lopen. Ik besloot de bus dus de bus te laten en na een kop hete thee en een hete douche om te proberen de verkoudheid te bestrijden nam ik de benenwagen... 

De partij uit de vierde ronde tegen Gudni Petursson verliep in een sneltreinvaart. Zelf ben ik al niet de langzaamste, maar Petursson had helemaal geen zin in nadenken. Was er nog een leerzaam momentje? Voorzichtig zijn met het woord leerzaam na wat ik net over Malcolm Pein schreef natuurlijk, maar kort voor de finish stond het zo... 

Het is tijd voor de afronding... 30...c3 31.bxc3 b3! En niet heel onvoorzichtig 31...bxc3 want na 32.Lxa5 c2 33.Lb4+ Ke8 34.La3 is de winst ineens nog een eind weg! 32.Dd1 Df2+ 33.Kh2 Dg3+ 34.Kg1 Dxe3+ 35.Kh2 Df4+ 36.Kg1 b2 en wit gaf het op. 

Maandag 30 augustus 2021 

De dag begon met een moment van herinnering in de Vedder-app. De trouwdag van mijn ouders en de eerste keer dat pa niet meer van de partij is. De tijd vliegt. Het is alweer negen maanden geleden... 

Ik had dus een dag eerder het boek van Olafsson uitgelezen en ben er daardoor ook achter gekomen waar Fischers favoriete boekwinkel was, waar hij in een hoekje iedere dag zat te lezen. Die winkel staat ook aan de Klapparstigur! Had ik dan niet goed gekeken toen ik naar Fischers oude huis liep? Ja en nee. De winkel stond aan de andere kant van de kruising. Helaas, de winkel was dicht, maar in een van de etalages stond Fischers zithoekje opgesteld... 

Ik ben er alleen wel vrij zeker van dat het zithoekje verplaatst is na Fischers dood, want onze kopschuwe ex-wereldkampioen zou voor geen goud voor etalagepop gaan spelen. 

Overigens las ik in het boekje dat Klapparstigur 5 niet Fischers laatste adres was. Hij is nog verhuisd naar een adres een stuk verderop. Ik had geen zin om daarheen te wandelen.  

Tamas Petenyi , een Internationaal Meester uit Slowakije, was mijn tegenstander in ronde 5. Ik had in mijn voorbereiding gezien dat hij altijd dubieus uit de opening komt maar daarna verrekte handig is. En dat bleek ook nu weer... 

Dit is de stelling na mijn 12.f3. Ik had al een paar kansen laten lopen om met f4 gevolgd door Lf3 een nog steviger grip op de stelling te krijgen. Mijn plan was namelijk: ontwikkeling voltooien met Dd2 en een toren naar d1, dan een keer c4-c5 om de boel te openen en mijn lopers alle ruimte te geven. En daar doet hij niks tegen, want c7-c5 komt natuurlijk niet in aanmerking. Je kunt dat d-pionnetje natuurlijk niet zomaar aan zijn lot overlaten. En toen kwam 12...c5! Wat? Dat kan toch helemaal niet? Ja, het kon wel. Die pion werd tijdelijk beschermd met Pe8, vervolgens ging hij met eerst de loper en daarna het paard naar d4 en later kwam het paard van e8 er ook nog bij. Pion d6 was inmiddels voldoende afgeschermd. Het werd een nare partij... 

Na deze ronde werd bij iedere deelnemer een PCR-test afgenomen. Niet fijn, dat ding in mijn neus pas een week na de vorige keer, maar het zou wel duidelijkheid geven over mijn zelfdiagnose een dag eerder. 

Die avond moest ik eens serieus plannen maken voor een belangrijk doel van deze reis: het graf van Bobby Fischer. Er was namelijk geen vrije dag en er zit nog wel een busreis van een dik uur aan vast. Ik had me voorgenomen om dan maar woensdag te gaan. Stel dat ik dinsdag weer van een zwakkere win dan volgt er woensdag weer een grootmeester en daartegen voorbereiden heeft toch geen zin. Ze spelen toch altijd wat anders. Echter, toen 's avonds de indeling bekend werd bleek dat ik tegen Johanna Björg Johannsdottir moest spelen. En daarvan had ik geen enkele partij in mijn database. Ik besloot meteen om de volgende ochtend de bus naar Selfoss te nemen en rende om 23:00 uur nog naar het verkooppunt van buskaartjes. 

Dinsdag 31 augustus 2021 

Een dagje uit dus. Er zijn vele mogelijkheden voor een leuk dagje uit in Reykjavik. Zo is er het kunstmuseum, maar ook wat origineler musea zoals het punkmuseum en het penismuseum. Ik ben een maand geleden echter al naar het pluimveemuseum in Barneveld geweest, zo kan die wel weer met musea. Misschien iets voor als ik zestig word. Je kunt natuurlijk ook op excursie. The Golden Circle bijvoorbeeld. Of een vulkaan opzoeken. Het noorderlicht zien of met een boot walvissen gaan spotten. Die excursies duren echter veel te lang voor iemand die iedere dag achter het schaakbord wordt verwacht. Je bent zo uren onderweg. Maar één uitje zou ik zeker gaan doen, namelijk Fischers graf bezoeken. Dat was te doen. 's Morgens om half negen in de bus naar Selfoss. Dan had ik ter plekke twee uur de tijd om me daar te vermaken omdat ik om tien voor twaalf de bus weer terug moest hebben, anders kon ik niet op tijd achter het schaakbord zitten.  

Vanuit Selfoss moest ik nog een stukje wandelen, want het graf bevindt zich in een gehucht genaamd Laugardaelir, een stief kwartiertje lopen vanaf de bushalte. In Selfoss kom je dan eerst langs het Bobby Fischer Center... 

Ik had geen tijd om het te bezoeken. Bovendien, het is pas 's middags open. Het lijkt overigens groter dan het is. In het voorste gedeelte zijn twee winkels gevestigd. Je moet achterom en dan ook nog een telefoonnummer bellen als je naar binnen wilt. Het Max Euwecentrum is makkelijker! 

Voorbij dit gebouw nog een poosje doorlopen de saai ogende stad Selfoss uit en dan linksaf over een polderweg wandelen totdat je in dat gehucht aankomt. Tussen de bomen door zie ik al een kerktoren en even later... 

De Laugardaelakirkja. Ziet er knus uit, met een klein kerkhofje eromheen. Hoe ze hier terecht zijn gekomen? Geen idee, in het boek van Olafsson lees ik dat hier onenigheid over was. De een zei dat dit Fischers wens was, de ander bestrijdt dit omdat die zich niet kan voorstellen dat Fischer bezig was met nadenken over wat er na zijn dood moest gebeuren. Hoe dan ook, hij is daar begraven. Als je dat hek binnenloopt is het graf meteen links. 

Het is een bescheiden grafsteen. Er liggen wat kleine steentjes bovenop. Is dat een Joods gebruik? Geen idee, maar in de film Schindlers List zie je dat ook. Voorts liggen er wat schaakprullaria en wat kleingeld voor de steen. Het gras was lang en nat, ik kreeg natte schoenen. 

Mooi kerkje, bescheiden grafsteen. Een mooie rustplaats toch? Nou, dat valt tegen als je over de steen heen kijkt... 

Wat een oude vervallen troep! En zo zag ik meer “gebouwen” in Laugardaelir. Een grote vervallen bende, dat gehucht. Ik zag een vergelijking met het leven van Fischer. Begonnen als mooi kerkje en later een puinhoop. 

In de bus terug naar Reykjavik kreeg ik een bericht van Bart Stam. Facebookvriend en vorig jaar ook aanwezig bij de boekpresentatie van Beat the Masters. Hij had in 2012 ook met zwart tegen Johanna Björg Johannsdottir geschaakt in Reykjavik en hij zond mij de partij. Wat aardig! Nu had ik toch een indicatie wat voor opening ik kon verwachten. De Giuco Pianissimo, ofwel Italiaans met d3, c3 en meer van dat geschuif. Ik bekeek die opening, bladerde wat in Bologan en checkte wat met Stockfish 14 en besloot Barts partij acht zetten te volgen, maar daarna een ander plan te kiezen. Mits Johanna natuurlijk nog hetzelfde zou spelen als negen jaar eerder natuurlijk. En dat deed ze... 

Dit is de stelling na de negentiende zet van wit. Dat rustige Italiaans is wel scherp te krijgen, maar daar moet je wel wat voor over hebben, zoals een gekke pionnenstructuur met die twee h-pionnen. Daar staat bijvoorbeeld het loperpaar tegenover en vooral die op a7 kan soms smerig uit de hoek komen. Na enig rekenwerk zag ik iets leuks... 19...d5! Die pion slaan is niet best, want na 20.Lxd5 Pb4 21.Db3 Pxd5 22.Dxc5 Lc6 win ik een kwaliteit. Ze wil toch ook pion d4 blijven dekken en dus verkast die toren naar h4 en daar komt hij mij goed van pas. 20.Th4 Txf3! 21.Dxf3 Pxd4 Als je maar lang genoeg teamgenoot bent van Manuel Bosboom weet je dat je gerust een kwal kunt offeren als je een centrumpion mee kunt pikken. Johanna had nu 22.Dc3 kunnen doen of met 22.Txd4 de kwaliteit teruggeven, maar ook na lang denken kwam ze er niet achter wat ik van plan was. En dus hapte ze: 22.Dxd5 Lc6 23.Df7 en toen kwam de aap uit de mouw: 23...Pf3+! En het is in alle varianten gewonnen voor zwart, met dank aan die ongelukkige toren op h4 en die langeafstandsraket op a7. 

Hiermee kwam ik op drie uit zes. Maar ik had al gezien dat er en paar grootmeesters met meer dan 2600 rating ook slechts 50% hadden en jawel hoor, de Pool Mateusz Bartel met zijn 2611 was mijn volgende tegenstander. 

Uitslag van de PCR-test: iedereen negatief! 

Woensdag 1 september 2021 

Geen bijzondere planning deze dag, maar een wandeling door de stad levert altijd mooie plaatjes op, zoals... 

Prachtig toch? Je kunt er allerlei onderschriften bij bedenken. 

Onderweg naar de speelzaal trof ik nog een opvallend verschijnsel aan... 

Die elektrische stepjes tref je overal aan in Reykjavik. Ik zag Lucas van Foreest er ook op rondscheuren. Je betaalt met een pasje 30 kronen (20 cent) per minuut, dat wordt automatisch bijgehouden en als je hem langs de kant zet stopt de teller automatisch. Ik ben er niet aan begonnen, want ik had me voorgenomen veel te wandelen. Eens zien of ik net zoveel kilo's als elopunten zou verliezen. 

Tegen Bartel kwam ik wederom goed uit de opening. Maar als de vorm er niet is, is de scherpte er niet en dan ben je niet alert als er zich kansen aandienen... 

De stelling na tien zetten. Mijn Poolse tegenstander heeft de opening wat lichtzinnig gespeeld en wit staat beter. Ik besloot tot 11.Dd2 gevolgd door de lange rokade en was van plan daarna aan te gaan vallen met h4 en zo. Meteen na de partij zei Bartel tegen me dat ik meteen 11.h4 had moeten doen. Hij heeft dan namelijk geen tijd om, zoals in de partij, zijn paard van g8 te ontwikkelen. Immers, na 11...Pf6 wordt ie meteen terug naar zijn hok gestuurd met 12.g5 en na 11...Ph6 12.h5 ziet de zwarte stelling er ook niet uit. Een oordeel dat door de computer bevestigd wordt met een waardering ruim boven de 2. Helaas, als je dat soort kansen niet pakt ga je eraan tegen dat soort mannen. Zo ook vandaag. 

Donderdag 2 september 2021 

Weer moest ik winnen met zwart van een IJslander om terug op 50% te komen. Steeds dat ritme: verliezen van een goeie, winnen van een minder goeie. Toen ik tien jaar geleden aan het EK meedeed werd dat ritme doorbroken door een nul tegen een niet zo goeie. Dat spookbeeld hangt me hier ook boven het hoofd als ik tegen de Grootmeesters niks bereik natuurlijk. Björn Hólm Birkisson, de helft van een tweeling, heeft een voorliefde voor van die keutelige systemen met d4 en Lf4. Blij verrast was ik dan ook dat hij mij ineens het aangenomen damegambiet liet spelen en dat hij dat met 3.e4 bestreed. Zou hij zich goed voorbereid hebben? Welnu, dan heb ik een verrassing voor hem, want ik kon nu toch dat plannetje op het bord brengen dat ik voor Ftacnik had voorbereid. En jawel hoor. Dat plannetje (7...,b5) leidt tot hyperscherp spel. Of het allemaal correct is weet ik niet, maar ik wilde die ouwe Ftacnik aan het rekenen zetten. Birkisson sloeg zeker aan het rekenen, want over zijn achtste zet dacht hij meer dan een halfuur na. Na elf zetten stond het zo: 

Duidelijk is dat ik weer eens aan die damegambietpion ben blijven hangen, maar dat heeft me wel een ontwikkelingsachterstand opgeleverd. Wit kan nu kiezen: ontwikkeling voltooien met 0-0 of de boel op scherp zetten. Hij koos voor 12.e5, waarna ik wederom een kwaliteit offerde: 12...Pxe5 12.Lxa8 Dxa8. De computer is zeer te spreken over het tussenschaak 12...Pd3+. Dat leek mij bezwaarlijk wegens ondermijnende acties na 13.Kf1 Dxa8 14.b3, maar Stockfish is niet bang: 14...,Lb4 15.Pe2 Pf6 16.bxc4 De4 en een waardering van –3! O wat voel je je soms klein als je zo'n apparaat ziet rekenen. Maar goed, zoals ik het deed ging het ook, ik moest me alleen even wat langer onder de druk vandaan wurmen. En een eindspel spelen met een loper en twee vrijpionnen tegen een armoedige toren is best een feest hoor. 

Had ik het al over het eten gehad? Ik had geen zin in een IJslands of Scandinavisch restaurant. Veel visgerechten. Nu heb ik in IJsland een keer Fish & Chips gegeten, maar meestal volg ik de raad van mijn niet schakende broer op: “Eet vis as dr aorst niet is”. De visrestaurants zijn ook best wel duur. Nog duurder dan de rest.  Ja, dat is voor zuinige Nederlanders wel even schrikken hier. Twintig euro voor een simpel gerecht (patat met hamburger) is niks en een biertje erbij is ook zo een eurootje of acht op zijn minst. Maar goed, ik heb heerlijk Indiaas gegeten en naar de Vietnamees ben ik wel twee keer geweest. En niet voor een loempia! 

Mijn favoriet was echter... 

Een van de oudste gebouwen van Reykjavik, vlakbij (hotel uit, plein oversteken en aan tafel), lekkere achtergrondmuziek, een vlotte bediening (daar houd ik van, een hele avond tafelen en wachten zoals bij de Mandemaaker vind ik verschrikkelijk) en gevoel voor humor. Wat te denken van het reclamebord dat ze voor de zaak hebben staan... 

Ik kwam hier zo vaak dat ik eens een biertje van het huis kreeg! 

De volgende dag wachtte mij weer een grootmeester, de negentienjarige Adam Kozak uit Hongarije. 

Vrijdag 3 september 2021 

De dag begon met het memorabele feit dat ik bij Candy Crush veld 10.000 haalde. Wat een verschrikkelijke verslaving is dat. Als ik al die tijd toch had besteed aan schaakstudie!  

Mijn ochtendwandeling bracht mij vervolgens onder andere bij gebouw Harpa... 

In dit evenementengebouw werden eerdere edities van het Reykjavik open gespeeld. 

Daarna gebeurden er dingen die een ramp aankondigden. Op Lichess verloor ik een paar partijen achter elkaar door in één zet stukken weg te blunderen en onderweg naar de speelzaal realiseerde ik me ineens dat ik mijn keycard niet bij me had. Optimist die ik altijd ben mompelde ik in mezelf dat een slechte generale een mooie uitvoering oplevert... 

Mijn concurrenten in het S50-klassement zaten vlakbij. Nu ja, Hillarp Persson had een puntje voorsprong genomen, maar Hjartarson en Ftacnik hadden net als ik 4 punten. Met argusogen begon vooral de Slowaak mijn partij in de gaten te houden. Hij werd verrekte snel gerustgesteld... 

Dezelfde opening als in de eerste ronde. De Hongaar is alleen net afgeweken met 8...Da5. Het idee van die zet is duidelijk; hij wil op d4 ruilen en wel zo dat ik niet met de pion terug kan slaan. Een verstandige zet is nu Kf2, de zet die mij in ronde 1 in hogere zin de partij kostte. Zou ik daarom persé naar alternatieven hebben gezocht? Na een minuut of tien produceerde ik 9.Tb1 (om na cxd4 eerst even Tb5 te doen en daarna cxd4) en ik had de klok nog niet ingedrukt of ik zag tot mijn afgrijzen dat hij ook met zijn paard op d4 kon slaan. Dat deed hij dus ook waarna ik balend na 9... Pxd4 meteen alsnog tot 10.Kf2 besloot en een kansloze partij met een pion minder ging spelen. Dat leverde mij een belangrijke les op: ook op momenten van tegenslag moet je de focus vasthouden! 9.Tb1 is namelijk helemaal niet verliezend! Na 9...Pxd4 10.Pxd4 heeft zwart keus: A) 10...cxd4 11.Tb5 Dxc3+ 12.Ld2 Dxa3 13.Ta5 en dit wordt remise door zetherhaling. Of B) 10...Dxc3+ 11.Ld2 Dxd4 12.Dc1 en nu zal zwart om zijn dame te redden een stuk moeten offeren met 12...Pxe4 of na 12...De5 13.Lf4 Dh5 14.Lxd6 moeten toestaan waarmee wit ruime compensatie heeft voor zijn pion. 

Hoe dan ook, na dit soort gepruts ben je wel klaar met zo'n toernooi. Was het maar negen ronden geweest, dan kon ik naar huis! 

Zaterdag 4 september 2021 

In en om het oude centrum van Reykjavik staan best veel standbeelden, waarbij het opvalt dat er volop geslachtsdelen getoond worden. Iets kuiser was deze... 

Dat mannetje bleef daar maar zitten de hele tijd. Dat ie ondergescheten werd deerde hem niet. Hij had dan ook een mooi uitzicht... 

's Middags moest ik dan maar weer met zwart van een jonge IJslander winnen om weer op 50% te komen, maar helaas... Mijn favoriete bestrijding van het Schots heeft een bezwaar: een goed voorbereide witspeler die remise wil kan remise krijgen. Ik probeerde van alles, won zelfs een pion en later nog een... 

… maar de met wit spelende Alexander Oliver Mai had het potdicht geschoven. Geen doorkomen aan! 

Zondag 5 september 2021 

De laatste ronde begon twee uur eerder dan de vorige ronden, dus geen tijd voor gefotografeer. Mijn opponent was de veertienjarige Gunnar Erik Gudmundsson en die kwam bar slecht uit de opening. Echter, ik deed mijn uiterste best om mijn voordeel te verkwanselen. Toen Gunnar ook nog weer een foutje maakte sloeg ik toe en eindigde ik op 5,5 uit 11 op precies de 100e plaats. Mijn concurrenten in het ouweknarrenklassement haalden alle drie 6 uit 11. Helaas, net geen prijs voor mij. Lucas en Liam, die in de laatste ronde tegen elkaar moesten en remise speelden, haalden ook allebei 6 uit 11. Dat was voor Lucas wel jammer, want toen hij 5,5 uit 8 had zal hij serieus aan kwalificatie voor de Worldcup hebben gedacht. De eindsprint was niet je van het. 

Haalde iedereen dan 6 uit 11? Nee, de Rus Anton Demchenko en de Duitser Vincent Keymer haalden maar liefst 8,5 uit 11 en deelden daarmee de eerste plaats. Demchenko werd op grond van de tie-breakregels uitgeroepen tot Europees kampioen. 

Regelmatig liep er een fotograaf langs en af en toe wisten ze ook mij te vinden. Thorsteinn Magnusson volgt een heuse opleiding tot fotograaf en naarmate het toernooi vorderde werden de foto's beter. Zo werd ik in de derde ronde gefotografeerd met een wazig naambordje in beeld, maar in de achtste ronde, toen ik 's ochtends op souvenirjacht was geweest, ging het beter... 

Het is een gek toernooi. Alleen maar tegen hele goeien of mindere goden gespeeld. Met mijn 2266 rating had ik mij ook wel willen meten met spelers uit de klasse 2100-2399 maar daarvan trof ik er geen. Maar ik wilde graag eens naar IJsland en die wens kan ik nu mooi van mijn emmerlijst schrappen. 

Richard Vedder... 

 

09-09-2021


 
blog comments powered by Disqus